Strippen in het Stedelijk

Afgelopen week moest ik strippen in het stedelijk Museum Amsterdam op uitnodiging van Tino Sehgal tijdens een auditie voor zijn performance Selling out, die komende maand in het museum te zien is. Oorspronkelijk zou ik met Mistress Noa gaan, maar zij moest tot haar spijt verstek laten gaan.

Vooraf was mij gezegd dat ik gekleed als suppoost met anderen door een zaal moest lopen en af en toe even zijn bovenlijf moest ontbloten en weer verder lopen. U hoeft absoluut niet een geoefende danser te zijn, werd me vooraf toevertrouwd. Maar het pakte geheel anders uit.

‘Het is vroeg voor een museumbezoek. 10 uur vrijdagochtend. De eerste toeristen moeten zich nog melden. Nog geen rijen voor de nieuwe kassa’s van het Van Goghmuseum en ook bij het Stedelijk is het rustig. Ik meld me voor de auditie en word naar een zaal gedirigeerd. Een man zit er al, een veertiger uit Zutphen. We stellen ons aan elkaar voor en snel daarna loopt de zaal langzaam vol. Ook de kunstenaar meldt zich. Ik herken hem van de video’s en de interviews die ik vooraf beluisterd en bekeken heb. Daar zaten leuke, inspirerende video’s bij zoals de performance @ Martin Gropius Bau, maar ook hele saaie zoals het bijna een uur durende interview met de Zwitserse econoom Dr. Hans Christoph Binswanger (bekend van de Ekotax en zijn interpretaties van de Duitse schrijver en dichter Goethe).

tino-sehgal

Tino Sehgal Gouden Leeuw Biënnale Venetië 2013

Sehgal (Londen, 1976) is ook een politiek econoom, dat verbindt hem met Binswanger. Maar gelukkig is Sehgal (zijn naam dankt hij aan zijn Indische vader) ook danser geweest en is hij de laatste jaren bekend vanwege zijn dans-performances in musea. In 2010 was hij met This Progress in het Guggenheim Museum, afgelopen jaar stond hij al een paar keer in het Stedelijk en in 2013 won hij een Gouden Leeuw voor zijn bijdrage op de Biënnale in Venetië.

Ik stel me aan hem voor. Even later zitten we met z’n 36-en in een soort kring en stellen ons een voor een voor. Steeds kijkt Sehgal op zijn horloge. Hij lijkt haast te hebben. Het zijn jonge mensen. De meesten tussen 20 tot 22 jaar: jongens en meisjes. Op een vrouw na, ben ik veruit de oudste. De een heeft dansacademie gedaan in Tilburg, de ander in Utrecht. Dansers, en stripdansers die wekelijks in La Vie, de Amsterdamse stripclub of in een stripclub in Rotterdam optreden. Een zegt zelfs in de Moulin Rouge in Parijs te hebben gestript. Bij sommigen vraagt hij door, bij anderen niet. Halverwege neemt Sehgal zelf het woord. Hij zegt geïnteresseerd te zijn in de interactie tussen de suppoost en de bezoeker in een museum. Die is er normaal gesproken niet. ‘Het publiek komt om de tentoongesteld objecten te bekijken’, zegt Sehgal. ‘Niet voor interactie met andere mensen.’ Hij wil die interactie vormgeven met suppoosten die een stripdans uitvoeren. Hij vraagt ons om zo een stripdans te doen. De introductie gaat verder. Als ik zeg geen stripdanser te zijn, maar journalist en schrijver en alleen danservaring heb opgedaan in de disco, zegt hij: ‘ik ben ook geïnteresseerd in niet-stripdansers’. Maar stelt verder geen vragen. Dit wordt dus helemaal niks. Ik voel me een beetje voor de gek gehouden, maar ach, daar zet ik me overheen. Ik laat me niet kennen, tenslotte ben ik geen saaie schrijver/journalist. Er zijn jongens die een boy-stripgroep vormen. ‘Vorige week stonden we in een zaal in Zwolle met 600 gillende vrouwen’, vertellen ze.

i40^pimgpsh_fullsize_distr

Oefenen

Met een van hen in mijn groepje van 12 moet ik een stripshow geven. Doe maar net of er muziek is en beweeg je en kleed je uit. Ik dans zoals ik op de dansvloer gewend ben te dansen en doe langzaam in een soepele bewegingen, zoals ik van Mistress Noa geleerd heb, mijn trui uit. Eronder heb ik een T-shirt aan met een afdruk van Noa waarop ze haar tepels likt. Dat brengt me in de juiste mood. In een flits zie ik het meisje voor me die wekelijks bij La Vie danst al helemaal naakt en danst vrolijk als een vlinder over de vloer. Ik doe mijn T-shirt uit en begin aan mijn broek. Het is koud in de zaal. Rillingen over mijn rug. Wat meer bewegen, de spieren warm houden, denk ik. Mijn broek heb ik net uit en sta in mijn slipje te dansen. Ik zie mezelf alsof ik voor een spiegel sta. Maar voor Sehgal ben ik geen blik waardig. Hij kijkt naar de jonge meiden en geeft commentaar aan een medewerker naast hem en houdt aantekeningen bij op zijn lijstje. Hij lijkt zijn keuze al gemaakt te hebben. Hij commandeert ons om weer terug te strippen: langzaam de kledingstukken weer aan te trekken. Als ik weer al dansend in de kleren ben, loop ik naar de kant. De oudere vrouw bijt me in het voorbijgaan toe: ‘u was niet eens naakt’.

In de volgende groep is zij als eerste naakt. Als een standbeeld staat ze met alleen nog een sjaal om haar heen. In de verte een Pasolini-achtige setting: Mamma Roma. Maar ook haar gunt hij geen blik. Een donkere jongen met zijn stevig gespierde body steelt voor mij de show. In de verte doet hij me denken aan de vader van mijn zoon, die vroeger danser was. Elegant en soepel stript hij. Bij de introductie zei zijn maatje al dat ze nooit helemaal uit de kleren gingen bij hun shows: ‘daar houden vrouwen niet zo van, is onze ervaring.’ Hij stopt met strippen en houdt zijn boxers-short aan. Langzaam kleedt hij zich weer aan. Elke pas die hij zet, is raak.

Van de derde groep valt een Française me op. Een mooie elegante vrouw, die geraffineerd doet alsof ze haar broek en slipje uittrekt, maar dat toch niet doet. Ze is mijn Private Danser, zoals in Tina Turners’ heerlijke rauwe song. Mijn gedachten dwalen af naar die nachtclub in München waar ik toevallig belandde met een te rijke dame aan mijn zijde en inderdaad Tina Turner tegen het lijf liep. En dan voel je je toch gewoon, Herman Spinhof. De Française kijkt me recht in mijn ogen, ik in de hare. Dat geeft haar steun, hoop ik. Want ze doet het goed. Zelfs haar sokjes doet ze elegant uit. Wat een perfectie met haar prachtige kroeskrullen en mooie gezicht. Maar Sehgal merkt haar niet op, lijkt het.

Na de sessies, complimenteer ik haar en de jonge donkere man. Ík was uw private danser, hè’, zegt ze met een glimlach. En hij: ‘ik deed maar wat ik altijd doe.’ Een zevental moeten nog een keer optreden.

Ulay & Abramović Imponderabilia

Ulay & Abramović Imponderabilia

De auditie is ten einde. ‘U krijgt wel een mailtje’, zegt de assistent nadat ik gevraagd had wat nu precies de procedure is. Ik geef Sehgal een hand en bedank hem. Hij kijkt de andere kant op. Ik vraag me af: wat wil hij eigenlijk? Choqueren, provoceren? Die tijd hebben we gehad. Zijn woorden ‘interactie tussen publiek en suppoost en strippen’ echoën nog na in mijn hoofd. Ik denk aan Marina Abramović Rhythm 0 (1974) en haar performances met Ulay in Amsterdam in de jaren zeventig en tachtig. Ik herinner me dat zij bij de performance Imponderabilia bij de ingang van de museumzaal allebei naakt stonden, je moet je tussen hun in wurmen om de zaal in te komen. Interactie tussen publiek en de kunstenaar. Zo iets? Ik ben benieuwd naar de uitvoering van Tino Sehgal Selling out.

The Other Tradition Tino Sehgal

The Other Tradition
Tino Sehgal

Advertenties

Over hermanspinhof

journalist/ writer, print, television, radio photographer
Dit bericht werd geplaatst in Amusement, Kunst, media en getagged met , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s